NOEME WILLEM
VISSER Wie en Waarom

LITURGIE &CETERA Thema's
 Kerkelijk Jaar
Hoofddienst  Getijden Devotie Uitingsvormen 

Liturgie

LITURGIEK
Liturgiek TVG

Liturgiegeschiedenis

Joods

Vroeg Christelijk

Oosters Orthodox

Westers Katholiek

Protestants

HYMNOLOGIE

Geschiedenis van de Hymnodie

Oud Joodse Hymnodie
Vroeg Christelijke Hymnodie
Griekse Hymnodie tot 900AD
Latijnse Hymnodie
Lutherse Hymnodie
Calvinistische (Franse) Psalmodie
Nederlandse Gemeentezang
na de Reformatie

Engelse Hymnodie

Muziekgeschiedenis


Kunstgeschiedenis

Prehistorie, Oudheid en Vroege Middeleeuwen
Renaissance
Barok en Rococo
Negentiende Eeuw
Twintigste Eeuw

 



Geschiedenis van de ontwikkeling van Ikonen

Het einde van de beeldentwist luidde een uiterst creatieve fase in. Het lijkt wel of de eeuwenlange onderdrukking van de schilderkunst nu een complete uitbarsting teweeg bracht, wat ook te zien is aan de Byzantijnse invloed op het avondland tussen de jaren 800 en 1200.

De val van Constantinopel in 1453 brak elke vorm van christelijke kunst abrupt af. Maar tegelijkertijd bloeide echter de ikonenkunst in al die gebieden rondom de Middellandse Zee die het christendom trouw gebleven waren. Zo was er vanaf 1450 op Kreta bijna twee eeuwen lang een glanspenode van de ikoon. Een van die Kretenzische schilders was El Greco, die naar Spanje emigreerde en de christelijke kunst van het avondland een verbazingwekkende nieuwe impuls gaf doordat hij de vormentaal van zijn vertrouwde ikonenkunst wist te combineren met ontwikkeling in de westerse schilderkunst.

Ook de late romantiek en de vroege renaissance in Italië stonden sterk onder de invloed van Byzantijnse kunstenaars. Niet alleen omdat er in Zuid-Italië een belangrijke kolonie van Griekse christenen was die hun eigen ikonenkunst hadden meegebracht, er vestigden zich in Italië ook veel uit Byzantium gevluchte kunstenaars die hun werk aan westerse wensen aanpasten door andere heiligenafbeeldingen na te volgen. Deze 'Madonnienwerken' staan bij ikonenverzamelaars zeer hoog aangeschreven omdat ze zo bijzonder liefelijk zijn.

In Griekenland kwam naast de Byzantijnse ikonenkunst een geheel eigen volkskunst tot ontwikkeling. Deze boerse schilderijen zijn wat grof opgezet maar zijn heel bekoorlijk en stralen een directe, intense vroomheid uit.

Doordat grootvorst Wladimir in 988 tot het christendom overging en zich daarmee aan de oppermacht van de Oostromeinse Kerk onderwierp, reikte de invloedssfeer van Byzantium voortaan tot in Rusland. De ikonen waren uit het orthodoxe geloof niet meer weg te denken en hielden daarom ook hun intocht in Rusland, een intocht die al spoedig een ware zegetocht werd. De verering die men voor de ikonen koesterde was zo groot dat de ikonenkunst zich op een heel eigen wijze ontwikkelde. De Slavische volksziel bleek uiterst gevoelig voor het Byzantijnse christendom, vooral voor de beeldenverering die ermee samenging. Daar waar de volksstammen uit Klein-Azië elkaar eeuwenlang bijna verscheurden vanwege theologische geschilpunten, gaf het Russische volk zich met een uit de grond van hun hart komende innigheid aan het nieuwe geloof over.

Ikonen zijn 'vensters die op de eeuwigheid uitzien'. Het zijn met aardse vorm en verf vervaardigde beeltenissen van wezens uit de geest, zichtbaar gemaakte onzichtbaarheid. Er bestaat een directe band tussen de ikoon en zijn idee, het erop afgebeelde wezen van de geest. De ikoon is als het ware een afdruk van het Voorbeeld. De daaruit voortvloeiende gelijkenis tussen Voorbeeld en beeltenis veroorlooft het rechtstreeks aanbidden van de beeltenis, die daardoor op dezelfde hoogte komt te staan als het eigenlijk aanbedene.

Wanneer de monnik-schilders ertoe overgingen het eenmaal vastgelegde beeld te vermenigvuldigen door het scheppen van nieuwe ikonen, dan moesten ze zich aan strenge regels houden. Ook al veranderden deze voorschriften steeds weer in de loop der eeuwen en verschilden ze ook van land tot land, de eis dat er overeenkomst moest bestaan tussen de nieuwe ikoon en het Voorbeeld bleef onverkort bestaan. De ruimte die de kunstenaar gelaten werd om zijn werk eigen trekken mee te geven en een eigen signatuur te ontwikkelen was uiterst gering. Het verlangen naar, maar ook de eis van een duidelijk zichtbare gelijkenis is de voornaamste reden dat de orthodoxe kunst zich zo volkomen anders heeft ontwikkeld dan de westerse. Het ongeschoolde oog van de westerling kan daarom maar moeilijk verschil zien tussen twee ikonen naar hetzelfde Voorbeeld. Pas wanneer men ze, detail voor detail, aandachtig bestudeert, krijgt men enig inzicht in persoonlijke stijlelementen.

Tot in de 16de eeuw was het schilderen van ikonen monnikenwerk, dat zich in het klooster afspeelde, zoals vandaag de dag nog op de berg Athos. Daarna ontstonden pas schilderscholen en schildersdorpen, waarin wereldlijke leken het schilderen overnamen. Het sprak vanzelf dat de monnik-schilders een strikt vroom leven moesten leiden. Pas na uitgebreide godsdienstige opleiding en training mochten ze het penseel ter hand nemen.

Later werden de aanwijzingen voor het vervaardigen van ikonen in zogenaamde schildershandboeken vastgelegd. Een van deze handboeken, dat van Dionysios, monnik-schilder van de berg Athos, geeft een goede blik op de kunst van het ikonen schilderen. Dionyslos vertelt dat het gebed dat men uitsprak alvorens aan het werk te gaan: 'Gij, God en Heer, verlicht en verhelder vanuit al Uw Zijn mijn ziel, mijn hart en de geest van Uw dienaar, bestuur mijn hand zodat ik waardig en volmaakt Uw beeld, dat van Uw allerzuiverste Moeder en dat van alle heiligen kan beschrijven, tot Uw glorie en tot verheerlijking ...van uw naam.'